Vanaf het moment dat EDITH LEERKES als elfjarig meisje verliefd werd op de gitaar heeft ze weinig anders meer gedaan dan gitaarspelen. Edith studeerde aan het Twents Conservatorium bij Louis Gall en in Spanje bij Ernesto Bitetti. Vanaf 1981 speelde ze in verschillende ensembles voordat ze in 1987 lid werd van het Amsterdams Gitaar Trio. Met dit trio gaf ze over de hele wereld concerten, onder meer in het Concertgebouw in Amsterdam, Carnegie Hall in New York, Ambassador Auditorium in Los Angeles en de Casals Hall in Tokyo. Ze maakten cd's met muziek van o.a. Bach, Scarlatti, Albeniz, de Falla, Bizet en Prokovief. In 1992 speelde Edith met het trio als gast op een aantal galaconcerten van Herman van Veen. Dit was het begin van een samenwerking die er toe leidde dat ze in 1998 de overstap maakte van het Amsterdams Gitaar Trio naar de groep rond Herman van Veen. Met hem schreef en produceerde ze de cd "Du bist die Ruh'" en het gelijknamige televisieprogramma over Franz Schubert, "Colombine en de Stemmendief", een muziekspel voor kinderen, "Nu en dan", een audiografie over Herman van Veen en "Je zoenen zijn zoeter", een cd met het gypsy jazz Rosenberg Trio. Zij maakte samen met Olga Franssen de cd "A certain tenderness", liedjes van Herman van Veen bewerkt voor twee gitaren. In 2007 maakte ze de cd "Etude Feminine", twaalf eigen stukken voor sologitaar. Ze maakte met het gelijknamige concertprogramma in november en december van dat jaar een tournee door Nederland, Duitsland, Oostenrijk en België.


Edith Leerkes zag ik voor het eerst op een hoes van een LP van het Amsterdams Gitaar Trio. Wereldberoemd geworden door gitaarbewerkingen van de grote meesters. Een donkere, jonge vrouw keek me ernstig vanaf de hoes in de ogen. Dacht dat ze wilde zeggen: “Als je ooit nog op gitaar begeleid wilt gaan worden, zul je mij dan om advies vragen?” Een paar jaar later wilde ik een liedje opnemen dat over een baby ging. Dacht: zou mooi zijn met gitaar. Herinnerde me de blik van Edith Leerkes. Belde haar om te vragen of zij een gitariste kende die zwanger was. “Ik ben in de zevende maand,” zei ze. In Hamburg speelde ze met haar gitaar als een citer op haar buik Nina Bobo.

 

Waar droomt een baby van? Van jong, van arm of koud?
Van warm, rijk of oud? Gaan jouw dromen over water?
Jij, die nog niet weet van raad en daad,
van doorn en kroon, van prikkeldraad.

 

Verleden week gaf Edith een masterclass op het conservatorium in Enschede. Na afloop vroeg een jonge gitariste: “Is dat niet heel wonderlijk? Vroeger speelde u in een wereldberoemd trio en nu bent u begeleidster van Herman van Veen.” “Wat zo mooi is,” zei Edith, “ik ben wel zijn gitariste, maar hij is ook mijn zanger.”